Afdrukken

Verschillende stappen om te vertrekken

Vooraleer je aan de slag kan als ngo-coöperant moet je eerst een aantal stappen doorlopen. Een goede kandidaat moet immers voldaan aan een belangrijke criteria om in een ontwikkelingsland te kunnen werken.

De voorbereidingsfase

In opdracht van de overheid organiseert BTC (Belgische Technische Coöperatie) een infocyclus voor personen die overwegen in het Zuiden te gaan werken. Het doel van deze fase is kennis te maken met de Noord-Zuid problematiek en de eigen mogelijkheden en motivatie tot vertrek af te wegen. We raden je aan deel te nemen aan de infocyclus, vooraleer te solliciteren bij een uitzendorganisatie. Meer inlichting omtrent hun vorming vindt u op volgende website: http://www.btcctb.org/nl/infocyclus

Selectie en uitzendovereenkomst

In uitvoering van hun programma's of projecten kijken ontwikkelingsorganisaties uit naar geschikte kandidaten om de ontwikkelingsactiviteiten tot een goed einde te brengen. In overleg met hun partners stellen ze een profiel op en werven ze iemand aan die het profiel het meest benadert. Ngo-coöperanten worden niet alleen aangeworven op basis van een diploma en beroepservaring, maar ook op basis van hun engagement in het sociaal werk of hun vertrouwdheid met de Noord-Zuidbeweging. Kortom, op basis van hun persoonlijke competenties. Werken in een vreemde cultuur veronderstelt een bepaalde maturiteit. De gemiddelde leeftijd van de personen die voor het eerst vertrokken lag dan ook de laatste jaren steeds hoger. Daarenboven zijn pedagogische kwaliteiten van groot belang. Iedere organisatie houdt er bovendien eigen selectiecriteria op na volgens de specificiteit van de vereniging.

Eens geselecteerd, sluit de toekomstige ngo-coöperant een arbeidsovereenkomst af met de ngo, of met de partner van de ngo in het Zuiden. In dit laatste geval wordt meestal nog een uitzendovereenkomst afgesloten met de ngo (de uitzendorganisatie); hierin worden de rechten en plichten tussen beiden vastgelegd op het vlak van voorbereiding, verdere vorming, begeleiding tijdens het verblijf in het Zuiden en de nawerking erna. Wanneer de ngo zelf optreedt als werkgever worden deze specifieke afspraken  in het arbeidscontract vastgelegd.

Vóór het vertrek

Na selectie en zoals afgesproken in de uitzendovereenkomst, voorziet de ngo een directe voorbereiding. Het programma van die voorbereiding kan van organisatie tot organisatie verschillen. Kennismaking met de werking van de organisatie van het secretariaat, de voorbereiding op de context en de taak maken meestal deel uit van die voorbereiding.

Naargelang het land of de functie kan de organisatie de kandidaat vragen nog aanvullende vorming te volgen. Hiermee wordt bedoeld een taalcursus, een vorming gericht op de taak die men zal vervullen, een aanvulling op de vakkennis of een extra cursus over de regio of het land waar men werkzaam zal zijn. De specifieke vorming volgt men in zeer uiteenlopende instellingen al naargelang het onderwerp. Zo worden bvb. taalcursussen in allerlei scholen gegeven. Deze vorming kan ook in het buitenland plaatsvinden. In de ontwikkelingslanden bieden plaatselijke vormingsinstellingen meer en meer cycli aan gericht op buitenlandse ontwikkelingswerkers.

De ngo zal in functie van haar beleid de kosten van deze vormingen al dan niet terugbetalen. 

De arbeidsovereenkomst

De organisatie zal de ngo-coöperant -eventueel naast de uitzendovereenkomst- een arbeidsovereenkomst voorleggen die de tewerkstellingsvoorwaarden regelt in het ontwikkelingsland. De arbeidsovereenkomst kan naargelang de ngo ofwel met de ngo in het Noorden ofwel met haar partnerorganisatie in het Zuiden worden afgesloten. De arbeidsovereenkomst bepaalt onder meer de taak, het (plaatselijk) loon, de huisvesting alsook onder wiens verantwoordelijkheid men werkt.

111111   cncd acodev  FIABEL logo NL  concord